Als stijladviseurs fronsten wij deze week meermalen onze wenkbrauwen.

Eerst bij het bericht dat een zekere minister Verdonk verzuimd had zich te verdiepen in andere gebruiken dan die van haar eigen beperkte wereld. Het schudden van handen is namelijk helemaal niet zo vanzelfsprekend als het lijkt, ook niet in Nederland. Het misverstand kwam voort uit een gebrek aan kennis over een bepaalde religie. De minister in kwestie had zich in dit geval aan moeten passen.

Vervolgens fronsten wij toen een blunder werd gemaakt door ‘premier’ Balkenende. Op bezoek bij een ondernemersechtpaar in Rotterdam vroeg hij of zij zich door “de ogenschijnlijke opkomst van het islamitisch fundamentalisme nog wel veilig voelen in hun wijk en hun winkel”. Het paar had een week daarvoor net hun 18-jarige zoon verloren bij een roofoverval op de winkel, zoals ook te lezen was op een opsporingsaffiche bij de ingang van de winkel. Opnieuw een schrijnend gebrek aan interesse in de andere partij. Tijdens het gesprek hield Balkenende bovendien de handen in de zakken.

En dat terwijl de kunst van het begroeten toch helder beschreven staat in Het Blauwe Boekje (pagina 38).